Dag
10: Lalibela
Vrijdag
23 maart 2012
Na
een ietwat onrustige nacht (ma had kramp in
beide benen waarna ik in een lachstuip belanden) worden we om 6 uur
gewekt door
de wekker. We staan vlug op zodat we op ons gemak kunnen ontbijten, want
om
half 8 worden we al opgehaald door onze gids voor een wandeling in de
Lasta
bergen. Het ontbijt bestaat weer uit de harde toast met ei en papaja
sap. Samen
met Tonny en Rietje vertrekken we precies op tijd al wandelend vanaf ons
hotel.
Riet gaat samen met de rest van de groep met de bus naar de 45 kilometer
van
Lalibela gelegen prachtige Yemrehane Kristos rotskerk. Onze gids wijst
ons een bergpiek waar we naartoe schijnen te gaan lopen, maar we
vragen ons
af of dat
daadwerkelijk het geval is. Het lijkt zo ontzettend ver weg. Vol goede
moed
beginnen we aan de tocht. We lopen eerst over een goed bestraatte weg
naar het
centrum van de stad, maar al gauw duiken we allerlei niet bestrate
zijweggetjes
in. Voordat we het weten staan we al aan de voet van de bergketen. Het
pad wat
we bewandelen wordt ook veel gebruikt door de lokale bevolking die in de
bergen
wonen. Onze gids vertelt dat het marktdag is en dat de mensen vanuit de
bergen naar
de stad komen. De paadjes zijn goed begaanbaar door de harde regen van
gisteren
avond. Ze worden wel steeds smaller en gaan zigzaggend omhoog. We
spreken af
dat ieder in zijn eigen tempo loopt. Na ongeveer 5 kwartier komen we bij
het
eerste uitzichtpunt aan. Het uitzicht is werkelijk prachtig. Onder ons
zien we
nieuw Lalibela, ons hotel en de gister bezochte rotskerken. We tanken
even bij,
maar gaan al gauw weer verder.
Het
pad wordt steeds rotsachtiger en smaller. Het
is flink klimmen en hier en daar zelfs klauteren. Als we bijna bij het
tweede
uitzicht punt zijn, worden we ingehaald door een andere groep met
paarden. Het
valt niet mee om elkaar te passeren met al die rotsen en keien. We
besluiten
maar even te stoppen zodat ze ons kunnen passeren. Niets is vervelender
dan een
paar hijgende mensen in je nek. Op het tweede uitzicht punt nemen we
even een korte
break. Vanaf dit vlakke stuk is het ook weer genieten. We hebben het
weer
echt mee. Het is prachtig helder zodat we ver kunnen kijken. Na een
hapje en een
drankje gaan we weer op pad. Het eerste stuk is lekker vlak, dus dat
loopt in
tegenstelling tot de keien en rotsen van daar straks een stuk
gemakkelijker. We
steken een droge rivierbedding over. Ineens staan we oog in oog met wat
koeien,
die komen toch wat te imponerend op ons afstormen. We klimmen over een
klein
muurtje heen waar de koeien niet overheen kunnen. Als we verder willen
lopen
zien we de anderen niet meer. We roepen maar horen geen reactie. We
lopen toch
maar een stukje verder en roepen nogmaals en nu krijgen we wel gehoor.
Als we
weer compleet zijn vervolgen we onze weg over de akkers. De boeren zijn
hard
aan het werk. Met het regenseizoen opkomst, maken ze de akkers gereed.
Het is bijzonder te zien hoe alles nog handmatig wordt omgeploegd en
ingezaaid. Als we de akkers zijn overgestoken begint het pad weer
langzaam te stijgen. Onderweg zien we nog wat stalletjes met
souvenirtjes. Ze
zijn dus duidelijk gewend dat hier toeristen komen. Ietsje verder
worden we
zelfs toegezongen. Het pad slingert zich door de bergen omhoog. Bij een
splitsing komen we bij een info bord van de Asheton Mariam Monastery
aan. Het
pad wordt steeds stijler en gaat op een gegeven moment zelfs de bergen
in. Best
spannend want we hebben geen idee waar we uitkomen en ineens staan we
oog in
oog met de kerk die, hoe kan het ook anders, in de steigers staat. De
gids komt
naar ons toe en zegt dat we moeten betalen. Wij geven aan dat we niet
naar
binnen willen, maar daar komen we niet mee weg. We blijken al op
kerkelijk
grondgebied te staan en zijn dus verplicht om te betalen. We willen
verder geen stennis maken en betalen. In de kerk moeten uiteraard de
schoenen weer uit en
krijgen we diverse kruisen en boeken te zien. De tekeningen op
geitenvel zijn
prachtig. Het ziet eruit alsof ze gisteren gemaakt is. Als we het
verhalen aangehoord hebben, trekken we onze schoenen aan en klimmen we
nog ietsje hoger
naar 3196m hoogte vanwaar we een fantastisch uitzicht hebben. Het is
alsof we
op het dak van de wereld staan. We gaan er even lekker bij zitten en eten en drinken wat terwijl we van het prachtige uitzicht genieten.
De
terugweg gaat precies over dezelfde weg en
verloopt een stuk vlotter. Hoe dichter we bij Lalibela komen hoe
drukker het
weer wordt. Nu komen de mensen eigenlijk allemaal weer terug van de
markt.
Onderweg passeert er een grote groep met ezels. Het is weer passen
en
meten, maar na een kleine schuiver van mijn kant hebben we elkaar
zonder
verdere kleerscheuren gepasseerd. We komen ook grote groepen kinderen
tegen.
Deze komen uit school geeft onze gids aan. De ene groep heeft in de
ochtend les
en de andere groep in de middag. Je kunt ze herkennen aan de
verschillend gekleurde tenues. We
gaan niet terug naar ons hotel maar naar het lunch adres. Nog voordat
de gids
zijn fooi van ons krijgt heeft hij het al uitgegeven aan kraskaarten.
Vol
bewondering kijken we toe hoe hij de gebruikte kaartjes gewoon op de
grond
gooit. Rond half één komen we bij het Three Olive hotel
aan voor de lunch. We
blijken de eerste te zijn. We nemen afscheid van onze gids en gaan even
lekker
zitten en bestellen alvast een drankje want dat hebben we wel verdiend
na deze
flinke wandeling. Na ongeveer 15 minuten arriveert de rest van de groep
zodat we onze lunch kunnen bestellen: een heerlijke cheese sandwich. We
zittenn
aan een grote tafel in een gezellige tuin en om ons heen vliegen
allerlei mooie vogeltjes.
Tijdens het wachten op de lunch probeer ik deze prachtige
kleurrijke en bewegelijke vogeltjes vast te leggen, maar dat valt
niet mee. Ze zitten echt geen seconde stil.
Om
half 3 vertrekken we gezamenlijk naar Bet
Ghiorghis, de mooiste rotskerk van Lalibela. Nou ja dat hopen we
natuurlijk,
want ons bezoek van gisteren viel toch wel enigszins in het water door
die verschrikkelijke daken. Hopelijk heeft Bet Ghiorghis niet van deze
verschrikkelijke daken. We worden met de bus naar de ingang gereden. We
houden onze adem in maar als we
bij de trap aankomen zien we het prachtige kruis in de rotsen liggen.
Deze kerk
heeft godzijdank (nog) geen afschuwelijk dak. Het effect is gelijk een
stuk
sterker. Hier kun je van echt goed zien hoe de kerk is uitgehouwen uit
de
omringende rotsen. We staan op de rand en kijken op de kerk neer. Het
dak is
versierd met drie in elkaar passende Griekse kruisen. De kerk is
behoorlijk
hoog ongeveer 10 meter. Volgens de legende waren alle kerken al klaar
toen Sint Joris in volle wapenuitrusting op zijn witte paard aan koning
Lalibela
verscheen en hem liet weten dat hij vergeten was een huis voor hem te
bouwen.
Koning Lalibela zetten meteen zijn ervaren werklieden aan het werk om
alsnog
een kerk te bouwen voor Sint Joris. Het werd de mooiste van Lalibela.
We lopen
om de kerk heen naar de ingang van de kerk. We dalen af in een geul aan
de
oostkant van de kerk. Al slingerend komen we bij de kerk aan. Vanaf de
grond ziet de kerk er nog imposanter uit. Van binnen is hij bijzonder
somber. In de
muren rondom de kerk zien we uitgehakte hollen en nissen, waar de
monniken en
pelgrims verblijven.
We lopen via de hoofdweg verder naar de volgende
kerk: Bete Gabriël Rufaël. Deze kerk is in tegenstelling tot de andere kerken
niet op het oosten gericht en ziet er ook een stuk minder kerkelijk uit. Via
allerlei trappen en bruggen komen we bij de ingang aan. De gevel heeft hoog
aangebrachte deuren die via een stenen brug te bereiken zijn. Voor de ingang
licht een enorme diepe gracht. Deze 2 kenmerken doet veronderstellen dat deze
kerk als een soort magazijn of schatkamer is gebruikt. We maken wederom een
rondje in de kerk, maar we zien eigenlijk niet echt iets nieuws. Ze zien er
van binnen vrijwel allemaal hetzelfde uit, kaal en somber. Onze gids heeft er
super veel zin in en sleept ons via allerlei donkere smalle gangetjes naar een
volgende kerk. Onderweg komen we langs een heuvel die bekend staat als
Bethlehem. De in de heuvel uitgehakte ruimte doen sterk denken aan barakken en
magazijnen. In de bomen naast de kerk zien we ineens een zeearend zitten. Wat een imposant beest. Als laatste
bezoeken we de Bet Emmanuel kerk. Deze kerk staat symbool voor het hemelse
Jeruzalem. De grote rechthoekige kerk met binnenin drie verdiepingen schijnt
een exacte kopie te zijn van de in de tiende eeuw verwoeste Maryam Tsyon
Kathedraal in Aksum. We trekken voor de laatste keer onze schoenen uit en
bekijken de kerk van binnen.
De
bus brengt ons terug naar het hotel. De
bewolking is inmiddels flink toegenomen en zo af en toe valt er een
druppel
uit. Als we bij het hotel aankomen barst de bui echt los en zien we
zelfs hagelstenen van een halve centimeter uit de lucht vallen. De bui
houdt maar liefst
een uur stand. Het water komt van alle kanten het hotel binnenstromen.
Gelukkig zitten we in het midden van de gang, dus duurt het even
voordat het
bij onze deur is. In de tussen tijd nemen we een heerlijk douche en
maken we
ons klaar voor het diner van half 8. Als we naar het restaurant lopen
voor het diner is de regen eindelijk opgehouden. De ravage is echter
groot. Overal zien we emmers en is het personeel druk bezig met
dweilen. Als we aan tafel zitten, horen we dat het water zelfs in
enkele kamers via het parket omhoog is gekomen. Gelukkig heeft niemand
verder schade aan zijn persoonlijke eigendommen. Het diner bestaat weer
uit een keuze menu.
Wij gaan voor de minestrone soep en de vis met curry. Een beetje
vreemde
combinatie maar het smaakt uiteindelijk prima. Al is niet iedereen het
met ons
eens. Na een klein uurtje zijn we uitgegeten en trekken we ons terug op
de kamer
voor de nacht.